Medewerkers uit de industrie zijn positief over technologische ontwikkelingen als digitalisering en robotisering. Maar liefst 83 procent van de ondervraagden ziet de nieuwe ontwikkelingen als een kans en juicht deze toe. Dit blijkt uit onderzoek van Berenschot en Tias, in opdracht van ondernemersorganisatie FME.

De ruim 6900 ondervraagden zien dat er op de werkvloer wordt ingezet op nieuwe technologie. Lange tijd werd gevreesd dat dit zou leiden tot banenverlies, maar uit het onderzoek van FME blijkt dit niet zo te zijn. Technologische ontwikkelingen zorgen juist voor nieuwe taken en functies, iets wat vraagt om andere kennis en vaardigheden.

Daarbij laat het onderzoek zien dat medewerkers graag willen meebewegen en zich verantwoordelijk voelen om bij te blijven. De veranderingen in het werkproces zorgen er juist voor dat het werk leuker en uitdagender wordt. Overigens blijkt uit het onderzoek dat dé medewerker niet bestaat. Zo zijn er geen verschillen waarneembaar tussen jonge en oude generaties, opleidingsniveau of sector.

Leven-lang-leren

De steeds verdergaande digitalisering kan het concurrentievermogen vergroten, waardoor nieuwe en andere werkgelegenheid ontstaat. Directievoorzitter Berenschot Hans van der Molen: ‘De bedrijven en overheid moeten samen zorgen voor de noodzakelijke scholing om medewerkers te laten werken met nieuwe technologie. Uit dit onderzoek blijkt dat 99 procent van de medewerkers graag wil ontwikkelen.’ FME-voorzitter Ineke Dezentjé Hamming sluit zich hierbij aan: ‘Het is de hoogte tijd om een leven-lang-leren mogelijk te maken. Bedrijven, scholen en overheid kunnen daar samen voor zorgen.’

 

Uit de COEN-enquête van het CBS blijkt dat de ondernemingen in de technologische industrie de wind in de zeilen hebben. Positief nieuws, maar de FME, de ondernemersorganisatie voor de industrie, maakt zich grote zorgen over het tekort aan vakkrachten in de technologische industrie. ‘Een goed opgeleide beroepsbevolking is een fundamentele randvoorwaarde voor economische groei.’

FME wil daarom dat een nieuw kabinet techniekonderwijs topprioriteit geeft, investeert in Smart Industry en de daling van onderzoek en innovatie uitgaven keert. Een modern, innovatief industriebeleid moet zorgen voor een snellere energietransitie, betere zorg en meer veiligheid. Als we niet verder investeren in het innoverend vermogen, worden de slimme oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen elders ontwikkeld en vermarkt.

Belemmering

De technologische industrie maakt een sterke groei door en dat betekent ook dat er meer werkgelegenheid is. Nog steeds zijn er veel vacatures en dat belemmert de innovatiekracht en groei van de ondernemingen. Uit de conjunctuurenquête blijkt dat 1 op de 7 ondernemers het tekort aan arbeidskrachten als de grootste belemmering voor groei ervaart. Dit geeft aan hoe groot de behoefte is aan goed gekwalificeerd personeel.

Op alle niveaus in het onderwijs ligt er een uitdaging. FME-voorzitter Ineke Dezentjé Hamming: ‘Aangezien het belang van digitale vaardigheden voor de ontwikkeling van onze sector groot is, moet het onderwijssysteem snel veranderen. In het basisonderwijs zouden bijvoorbeeld alle kinderen in aanraking moeten komen met techniek. En ook de gouden handjes die een mbo-opleiding hebben afgerond zijn hard nodig.’

In de Tweede Kamer is gesproken over de examencommissies in het mbo en de rol van het bedrijfsleven hierin. De VVD heeft een amendement ingediend waarin de partij vast wil leggen dat examencommissies minimaal één lid moeten hebben uit het regionale bedrijfsleven.

FME (ondernemersorganisatie voor de technologische industrie) vindt het voorstel van de VVD positief. FME-voorzitter Ineke Dezentjé: ‘Terecht onderstreept de VVD hiermee nogmaals dat de aansluiting tussen bedrijfsleven en onderwijs geborgd moet worden.’

Naast betrokkenheid tijdens het sluitstuk van opleidingen is betrokkenheid van de technologische industrie tijdens de ontwikkelfase van technische opleidingen van nog groter belang. Onder aanvoering van Smart Industry verandert de sector in hoog tempo, de technologische industrie levert graag haar bijdrage tijdens de ontwikkeling van het curriculum. FME is dan ook verheugd dat Daniël van der Ree (VVD) hier ook aandacht voor heeft gevraagd. Dezentjé: ‘We moeten het onderwijscurriculum met elkaar innoveren om zo studenten zo goed mogelijk voor te bereiden op de arbeidsmarkt.’

De brancheorganisatie voor de technologische industrie FME roept staatssecretaris Dijksma van het ministerie van Infrastructuur en Milieu (I&M) op tenminste 100 miljoen te investeren in de transitie naar een circulaire economie. Dit blijkt uit een brief die FME aan de Tweede Kamer heeft gestuurd.

FME-voorzitter Ineke Dezentjé Hamming: ‘Staatssecretaris Dijksma schrijft de Tweede Kamer dat de circulaire economie 7,3 miljard aan waarde toevoegt en 57.000 nieuwe banen kan opleveren. Op de huidige I&M-begroting wordt slechts 28 miljoen gereserveerd voor onder andere betere afvalscheiding. Ik vind dit niet in verhouding staan tot de potentiële opbrengst.’ FME zou graag zien dat I&M het geld vooral besteedt aan: efficiënter materiaal- en energiegebruik en circulaire economie koppelt aan de omslag naar een Smart Industry (robotisering, internet of things en 3d printen). Begin november behandelt de Tweede Kamer de I&M-begroting.

Duurzaam bouwen
De brancheorganisatie verwacht dat de toenemende digitalisering grote effecten op bedrijven en consumenten zal hebben. Bekende voorbeelden zijn Air B&B en Uber, maar denk eens aan alle reserveonderdelen die bedrijven nu nog jarenlang in magazijnen moeten opslaan. 3D-printen maakt het mogelijk om een onderdeel pas te maken op het moment dat het nodig is. FME zou ook graag zien dat Nederland haast maakt met de transitie naar duurzaam bouwen en renoveren. Er is nog steeds sprake van leegstand bij kantoren en winkels. Gebouwen moeten in de toekomst gemakkelijker kunnen worden aangepast aan een veranderende behoefte van de bewoner, gebruiker en eigenaar.

Tenslotte ziet FME een grote uitdaging om de levering van schaarse grondstoffen, met name zeldzame aardmetalen, naar Nederland en Europa op peil te houden. Zeldzame aardmetalen zijn onmisbaar om te kunnen overschakelen naar duurzame technologie en energieopwekking. Zonder zeldzame aardmetalen is er geen windmolen, ledverlichting, elektrische auto, en nog een hele reeks producten mogelijk.

I am text block. Click edit button to change this text. Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit. Ut elit tellus, luctus nec ullamcorper mattis, pulvinar dapibus leo.