Om te kunnen onderzoeken of op een veilige en duurzame manier energie kan worden opgewekt voor wegverlichting en matrixborden, of voor levering aan het elektriciteitsnet, zijn op een vangrail naast de provinciale weg N194 bij Heerhugowaard zonnecellen aangebracht. Deze proef met flexibele folie met zonnecellen duurt een jaar.

Naast de toepassing in de bekende zonnepanelen, kunnen zonnecellen ook ingebouwd worden in flexibele folies. Deze technologie is volop in ontwikkeling, de toepassingsmogelijkheden zijn groot en het rendement wordt steeds beter dankzij nieuwe ontwikkelingen in materialen. Onlangs werd de flexibele folie met zonnecellen over een lengte van 72 meter aangebracht in de dubbele vangrail naast de provinciale weg N194 bij Heerhugowaard. Het is wereldwijd voor het eerst dat zonnecellen zijn aangebracht op een vangrail.

Praktijkproef

Vorig jaar is al ervaring opgedaan met een kleine pilot-opstelling. Dit gaf vertrouwen om de proef bij de N194, onderdeel van project N23 Westfrisiaweg, te bouwen. Nu is het wachten op de eerste resultaten: is en blijft er een goede elektriciteitsproductie? Blijft de folie goed functioneren langs een weg in alle seizoenen? Kan de energie goed worden verzameld en getransporteerd, ook als er bijvoorbeeld een onderdeel uitvalt? Om op deze en andere vragen antwoord te geven, is er apparatuur geplaatst die veel data verzamelt van de pilot en deze doorstuurt voor analyse.

Of de proef met zonnecellen op de vangrail succesvol is, wordt najaar 2019 bekend. De volgende stap is om onderzoek te doen op grotere schaal, langs verschillende soorten wegen. Het project wordt uitgevoerd door de provincie Noord-Holland, TNO, Solliance Solar Research, Heijmans, Femtogrid en de Hogeschool van Amsterdam.

Onder de naam Innovation Industries is een nieuw technologiefonds opgericht dat gaat investeren in circa twintig veelbelovende hightech bedrijven in Nederland. Het fonds wil hoogwaardige kennis, die aanwezig is op de technische universiteiten, binnen TNO en ECN, versneld omzetten in succesvolle bedrijven. Daarnaast is het doel om bestaande hightech bedrijven (zogenaamde scale-ups) te ondersteunen bij hun groei.

Vanuit dit investeringsfonds wordt 75 miljoen euro geïnvesteerd. Het fonds richt zich in het bijzonder op bedrijven die met hun producten of technologieën een positieve bijdrage leveren aan de grote maatschappelijke uitdagingen van dit moment waaronder klimaatverandering, zorg, mobiliteit en voeding.

De technische universiteiten en toegepaste kennisinstellingen zetten zich gezamenlijk in voor het effectief vertalen van kennis naar economische bedrijvigheid in Nederland. Voorheen werkte elke universiteit met een eigen investeringsfonds of methodiek om startups te helpen, maar er was geen landelijk systeem. Innovation Industries biedt coördinatie, versterking en de mogelijkheid tot opschaling van innovatieve ondernemers.

De Technische Universiteit Eindhoven, Universiteit Twente, Wageningen University & Research en TNO treden naast een samenwerking met het fonds tevens als investeerder toe tot het fonds. Het fonds heeft verder investeringen ontvangen van het Europese Investeringsfonds (European Investment Fund), het Pensioenfonds voor Metaal en Elektro (PME) alsmede ECN, PPM Oost, Topfonds Gelderland en het Innovatiefonds Overijssel. Ook de leden van het fondsmanagement zullen in het fonds participeren evenals een groep van overwegend Twentse investeerders, die al eerder investeerden in de voorloper van dit fonds; het Twente Technology Fund.