Hoewel het onderhoudssysteem van Zeelandia nog steeds goed functioneert, gaat de producent van bakkerij-ingrediënten geleidelijk over op een methode waarin nieuwe technieken worden gebruikt. ‘Ik wil minder sleutelen, nog beter gaan functioneren met onze technische dienst’, zegt Kees Krijger, hoofd technische dienst. Daarvoor is ook een zeer nauwe samenwerking nodig tussen de productie en de technische dienst.

Het onderhoud binnen Zeelandia kan goedkoper en sneller, stelt Kees Krijger, hoofd technische dienst. ‘We kunnen de betrouwbaarheid van de machines gegarandeerd verhogen en de storingsinterval verkleinen als we de mensen op de werkvloer nog beter opleiden in het autonoom onderhoud.’ Ook de monteurs moeten nog beter worden opgeleid. ‘We moeten daar echt tijd, geld en energie in stoppen zodat hun kennis en kunde verbetert. Het zou prachtig zijn als ik het bedrijf op die manier kan achterlaten als ik over een jaar of drie met pensioen ga. Maar zover is het nu nog niet.’
Zeelandia is een Nederlands familie-bedrijf dat bakkerij-ingrediënten ontwikkelt, produceert, verkoopt en distribueert, zowel voor brood als banket. Het bedrijf heeft een natte en een droge afdeling. Op de droge afdeling worden grondstoffen voor bakkerijen geproduceerd, poeders om brood en banket van te maken, maar ook voor bijvoorbeeld banketbakkersroom. De natte afdeling produceert grondstoffen als marsepein, gelei, jam en fondant. Krijger: ‘Voor de droge productie hebben we drie aparte fabrieken met in totaal zestien lijnen. In de twee natte fabrieken hebben we in totaal elf lijnen.’

Twee procent stilstand

Krijger werkt sinds 2013 bij Zeelandia in Zierikzee. Zijn team bestaat uit vier elektromonteurs en drie mechanisch monteurs. ‘Momenteel heb ik drie vacatures, dus het team is nog niet compleet.’ Met ondersteuning van werkvoorbereiding en een administratieve medewerkster bestaat de technische dienst in totaal uit dertien man.
Zijn afdeling richt zich tot nu toe vooral op structureel preventief onderhoud op basis van ervaring, opgedaan in het verleden. ‘Dit is misschien niet meer de meest moderne vorm van onderhoud, maar voor bestaande installaties is dat nog wel voldoende.’ Wat storingen betreft doet Zeelandia het dan ook helemaal niet slecht. ‘We hebben minder dan twee procent stilstand, maar dat kan uiteraard nog beter.’
Voor het preventief onderhoud werkt het bedrijf met het Ultimo onderhoudsbeheersysteem. ‘We kijken daarbij naar de werkzaamheden, gebaseerd op het verleden. Zo krijgen alle lijnen één of twee keer per jaar periodiek onderhoud. En omdat een lijn dan toch twee dagen – tot maximaal een week – stilligt, pakken we meteen ook alle werkbonnen op die zijn ingediend. Na het onderhoud aan een lijn doen we ook altijd een evaluatie van de stop, waaruit verbeteracties voortkomen voor de volgende stop. Hierdoor is de Plan-Do-Check-Action-cirkel weer gesloten.’
De kleine onderhoudsbeurten aan de lijnen worden gedaan door vier eigen medewerkers, vertelt Krijger. ‘Maar er is ook groot onderhoud, zoals bijvoorbeeld aan het Goederen Doseer Systeem. Op zo’n moment ligt een hele fabriek stil en staat er wel vijftig man op de werkvloer. Groot onderhoud vindt twee keer per jaar plaats. We proberen ook dan zoveel mogelijk werkbonnen weg te werken.’

Minder stilstand

Niet aan alle machines wordt alleen structureel preventief onderhoud op basis van ervaring gedaan. ‘We zijn bezig met een overgang van het oudere – nog steeds goed functionerende – systeem naar een methode waarin nieuwe technieken worden gebruikt’, legt Krijger uit. ‘De reden voor die overgang is dat ik minder wil sleutelen. Ik wil minder stilstand en nog beter gaan functioneren met onze technische dienst. We zijn daarom nu bezig met trillingsmetingen. Daarmee kun je per machine conditiebepalingen doen.’
Ook worden voor nieuw aangeschafte machines sinds kort toekomstgerichte onderhoudsconcepten geschreven. Degene die zich daar met name mee bezighoudt, is maintenance engineer Erik Goedhart. ‘Hij zit in de Engineering groep’, licht Krijger toe. ‘Deze groep bestaat uit zeven mensen die allerlei projecten doen.’
Goedhart werkt nu vier jaar bij Zeelandia en voor die tijd huurde Zeelandia hem al vijfenhalf jaar in als projectleider. Hij werkt voor vijftig procent voor de technische dienst en in de andere helft van zijn werktijd ondersteunt hij de projectleiders. ‘Voor de technische dienst houd ik me bezig met de betrouwbaarheid van de installaties door middel van risicoanalyses, Pareto-analyses en de inventarisatie bij nieuw aan te schaffen installaties’, legt hij uit. ‘Aanschaf en vervanging van nieuwe installaties doe ik met een standaardisatie-protocol. Dat houdt in dat we de meest voorkomende onderdelen zoveel mogelijk standaardiseren.’ Voor zijn scriptie voor de opleiding Onderhoud en Management aan de Hogeschool Utrecht heeft Goedhart de huidige onderhoudsmethodiek van Zeelandia in kaart gebracht. ‘Ik heb me daarbij met name gericht op het mechanische stuk onderhoud. Op basis van de vervangingsinvesteringen zitten we op tweeënhalf procent onderhoudskosten. Dat is vrij normaal, ook bij andere bedrijven in de industrie.’

Samenwerking

Voor het onderhoud nieuwe stijl wil Goedhart gebruikmaken van het systeem van House of Excellent Maintenance. Deze nieuwe onderhoudsmethode kan volgens hem echter niet zomaar een-twee-drie worden geïmplementeerd. ‘De methode is afdelingoverschrijdend. De medewerkers moeten daar dus in worden getraind. Dit nieuwe systeem is gebaseerd op een zeer nauwe samenwerking tussen de productie en de technische dienst.’
Het onderhoudssysteem is gebaseerd op een aantal pilaren en Goedhart richt zich nu vooral op drie ervan. ‘Pilaar 1 is missie, visie, doelen. Met pilaar 3 vertaal je de doelen van de afdeling naar de KPI’s. Pilaar 4 is de uitvoering van het onderhoud. Daarbij komt het erop neer dat de operators de oren en de ogen van de technische dienst zullen worden.’
In de toekomst gaan de productiemedewerkers van Zeelandia zich dan ook bezighouden met autonoom onderhoud. Goedhart: ‘Daar hebben we inmiddels op ingezet bij een van de lijnen, en daar loopt dat al heel goed. Je ziet dat de betrokkenheid van de medewerkers wordt versterkt door de eigen verantwoordelijkheid. Binnenkort starten we ook met werkplekopleiden, zodat alle productiemedewerkers hun machines op dezelfde manier met dezelfde methodiek bedienen. Dit geldt niet alleen voor nieuwe medewerkers, maar ook voor onze huidige mensen.’

Autonoom onderhoud

Krijger is enthousiast over Goedhart’s plannen, maar hij blijft wel realistisch: ‘We hebben onze handen hier de komende jaren wel vol aan.’ Het eerste groepje productiemedewerkers wordt nu opgeleid. Zij worden de eerste zintuigen in het House of Excellent Maintenance systeem. En ook voor het autonoom onderhoud.

Auteurs: Ingrid Rompa/Liesbeth Schipper